Lettergrootte - +
Contrast - +

Twee zonen met Downsyndroom op een reguliere basisschool

Helemaal zonder slag of stoot ging het niet, maar de reguliere basisschool in de buurt accepteerde met liefde twee broertjes met Downsyndroom, nu 7 en 8 jaar oud. Omdat de oudste jongen groep 2 doubleerde, zitten ze nu allebei in groep 3, na de schoolvakantie in groep 4; ieder in een eigen groep want de school telt veel leerlingen en dus veel groepen. Beide jongens hebben ook op de reguliere peuterspeelzaal gezeten.

Toen de ouders hun oudste zoon aanmeldden bij de basisschool werd het docententeam gevraagd om te stemmen over de toelating. De jongen zou de eerste leerling met Downsyndroom zijn op deze school. Allen stemden voor. De school wilde nadrukkelijk een brede school zijn en ruimte bieden aan kinderen met verschillende achtergronden, leerstijlen en mogelijkheden. Wel opperde de directie de ouders om een overeenkomst te ondertekenen waarin de school vast wilde leggen dat de jongen van school zou gaan, als school zou aangeven dat het niet goed zou gaan met het kind, de school of de klas. Om vertrouwen in een goede samenwerking uit te stralen besloten ouders om hier geen probleem van te maken. Kort daarna ging diezelfde directie naar een cursus waar zij inzagen dat bij geen enkel ander kind de ouders op zo’n manier worden benaderd terwijl het bij ieder kind mogelijk fout kan gaan. De directeur bood zijn verontschuldiging aan en het contract is nooit opgesteld.

Twijfel om ander kind met Downsyndroom toe te laten

Toen het jongere broertje werd aangemeld, aanvaardde de school ook hem zonder reserve. De school geeft aan dat beide jongens zeker de hele basisschool periode daar mogen blijven als dit bijdraagt aan hun ontwikkeling en er sprake is van vooruitgang op hun eigen persoonlijk afgestemde leerlijnen. De directeuren zeggen tegelijkertijd dat zij nu ‘nee’ zouden zeggen als een ander kind met downsyndroom zich zou aanmelden, gezien de mate van ondersteuning die nodig is en de vele inspanning die van de school wordt gevergd. De school heeft ook meerdere leerlingen met uiteenlopende problemen, zoals dyslexie, en spraak- en gehoorproblemen. Toch heeft de school tot nu toe nog geen ‘nee’ moeten verkopen, en verwachten ouders dat als hun kinderen in de bovenbouw zitten, school in de onderbouw wel weer open zal staan voor nieuwe kinderen met downsyndroom. School bewaakt op een zorgvuldige manier hun draagkracht voor het geven van goed onderwijs aan alle leerlingen.

Foto 4

Moeder is regisseur van de ondersteuning

De broertjes zijn erg verschillend, ook in hoe zij leren. Van het samenwerkingsverband de Eem (SWV) wordt 12.000 euro per kind toegewezen aan de school, vanaf 2015 10.000 euro met de mogelijkheid tot het aanvragen van een extra bouwsteen. Bij dit SWV is dat het standaard bedrag voor ondersteuning dat de SWV toekent aan de school voor een leerling met downsyndroom. Elk van de twee jongens heeft daarmee een onderwijsassistent voor 10 uur per week. Daarnaast zetten ouders van hun PGB een consulent in voor de methodes Leespraat en Rekenlijn. De ouders betalen zelf een ambulant begeleider om twee uur per week advies te geven en te signaleren waar dingen fout dreigen te gaan in de overdracht of communicatie tussen leerkracht, assistenten en ondersteuner, en om te werken met de kinderen in en buiten de klas. De zorgverzekeraar betaalt voor ergotherapie en logopedie. Moeder merkt dat ze zelf veel tijd moet stoppen in een regisseursrol. Na verloop van tijd begon de ondersteuning op school wat af te brokkelen. Zij is na zeven maanden gestopt met haar betaalde werk om haar volle aandacht aan het onderwijs en de ondersteuning van haar kinderen te kunnen geven.

Het gaat goed! Iedere jaar opnieuw

En het gaat goed. De leerkrachten erkennen de belangrijke leerdoorbraken van de jongens en delen hun trots met de kinderen en ouders. Iedere jaar is het opnieuw werken om iedereen in de zelfde mindset te krijgen. Soms duurt het tot de kerstvakantie voor duidelijk is waar gaten zijn ontstaan. Maar door de open communicatielijnen en ieders enorme inzet lukt het elke keer weer. Aan het einde van elk schooljaar is iedereen echt goed ingespeeld op de samenwerking. Na de zomervakantie begint dat proces opnieuw.

Voortgezet onderwijs?

De ouders weten wat zij willen: regulier voortgezet onderwijs voor hun zonen. Zij gaan pas na groep 4 peinzen over hoe dit te realiseren. Vertrouwen in een goede toekomst voor hun zonen is de basis. Steun van een team en van een inclusie-minded Samenwerkingsverband zal essentieel zijn.