Stap 3: Inventarisatie

Nadat het team een beeld heeft van de persoonlijkheid van de leerling en een hernieuwd beeld van de visie van de school, inventariseer je de stand van zaken. Het medische en onderwijskundige dossier van de leerling kan open. Wat is de leeftijd? Wat zijn de beperkingen? Vorm een beeld van de benodigde ondersteuning. Is er behoefte aan medische zorg onder schooltijden (diabeteszorg bijvoorbeeld)? Is er behoefte aan ADL-ondersteuning? Is bekend wat de leerling tot nu toe heeft geleerd en welke methoden hiervoor zijn gebruikt? Was er al een ontwikkelingsperspectief OPP; het onderwijskundig plan dat elke school moet maken voor een leerling met een beperking? Zijn er testen gedaan?

Hieronder vindt u een checklist die u kunt gebruiken bij de inventarisatie. U leest hem door op de + te drukken.

Gebruik de checklist

Hou de checklist: ‘is het onderwijssysteem al helemaal inclusief?’ bij de hand.

  • Identificeer naar welke klas de leerling zal gaan (altijd bij leeftijdgenoten, zie nr. 2 op de checklist).
  • Identificeer de leerkrachten en ondersteuners. Als je weet in welke groep een leerling komt, dan is ook bekend wie de leerkrachten of docenten zullen zijn.
  • Inventariseer of de leerkracht voldoende weet van de leerling om een ontwikkelingsperspectief op te stellen. Bepaal wat de leerling gaat leren, hoe de leerling leert en of specifiek methodieken (bijvoorbeeld Leespraat voor een leerling met Downsyndroom) nuttig zijn. Moet een geheel of gedeeltelijk eigen leerlijn worden gemaakt? Is er nog kennis, onderzoek of advies nodig?
  • Wat is de behoefte aan ondersteuning voor de leerkracht. Specifieke scholing? Extra handen in de klas voor toezicht? Is het nuttig als de leerkracht en ondersteuners een bezoek brengen aan de vorige school, kinderopvang en dergelijke of op bezoek gaan bij therapeuten die eerder met het kind werkten?
  • Zijn andere aanpassingen nodig in, bijvoorbeeld, het gebouw of in de vorm van hulpmiddelen (een kind dat moeilijk spreekt of moeilijk verstaanbaar is, kan bijvoorbeeld een spraakcomputer gebruiken).
  • Inventariseer de behoefte aan ondersteuning en aanpassing met het doel voor ogen dat de leerling volledig onderdeel is van een groep leeftijdgenoten en de lessen en de vakken volgt die de andere klasgenoten volgen.
  • Bedenk dat een leerling niet alleen komt om academisch te worden uitgedaagd. Kinderen en jongeren willen sociaal met elkaar omgaan. Inventariseer of de leerling daarin ondersteuning nodig heeft en of de leerkracht zich hier zeker genoeg in voelt of zich verder wil bekwamen.
  • Kijk welke ondersteuning beschikbaar is op school. Zijn er speciaal geschoolde leerkrachten? Is er een pool van klasse-assistenten? Is er een orthopedagoog? Zijn experts beschikbaar vanuit het samenwerkingsverband? Is expertise of ondersteuning via de ouders beschikbaar? Is budget beschikbaar om eventueel extra kennis of menskracht in te huren? Moeten boeken worden aangeschaft of een specifieke leermethode die geschikt lijkt?
  • Is in de klas al een systeem van peer tutoring? En hoe kan dat in dit geval worden gebruikt?

De inventarisatie levert een beeld op van wat er in principe beschikbaar is op school en wat eventueel nog erbij moet worden gezocht. De inventarisatie moet worden gemaakt in de wetenschap dat de leerling niet zal worden geweigerd, wat er ook gebeurt. Die houding stimuleert dat je je afvraagt: wat zou ik doen als er geen speciaal onderwijs zou zijn? Dat maakt dat je wordt gestimuleerd goed te zoeken naar effectieve oplossingen voor vragen die mogelijk rijzen. Kijk hier voor extra informatie.

De volgende stap: actieplan.