Goed onderwijs; toch al geregeld?

Kinderen met én zonder beperking hebben het recht op onderwijs en moeten gelijkwaardig behandeld worden. Toch zijn veel van de scholen in Nederland niet toegankelijk voor leerlingen met een handicap. Een school kan op verschillende manieren niet toegankelijk zijn. Het kan gaan om fysieke belemmeringen, zoals te smalle deuren, maar ook het gebrek aan doelmatige aanpassingen op het gebied van curricula of examens kunnen ervoor zorgen dat het onderwijs op de school niet toegankelijk is voor iedereen. Een paar voorbeelden hiervan:

  • Een klaslokaal heeft een standaardmaat en onderwijsfinanciering zet aan tot een bepaalde groepsgrootte, waardoor het zo vol is dat een rolstoeler amper kan draaien.
  • Een lift is in oudere schoolgebouwen niet aanwezig.
  • Het merendeel van de scholen is ingesteld op wat een gemiddelde leerling nodig heeft: het lesprogramma is afgestemd op een gemiddeld IQ-niveau, zodat leerlingen die bijvoorbeeld hoogbegaafd zijn of het Syndroom van Down hebben er verloren bij kunnen zitten.
  • Geen van de leerkrachten leert gebarentaal voor het geval er een dove leerling in de klas zit.

Onderwijs is dus niet voor iedereen goed geregeld. Meedoen als ieder ander betekent voor leerlingen met een beperking dat de school fysiek toegankelijker wordt gemaakt (groter en meer ruimte) en dat voor individuele leerlingen extra ondersteuning nodig is (zoals bijvoorbeeld een zorgassistent, gebarentolk of aangepaste leerlijn).

Lees verder bij Ondersteuning op school.