Meer kinderen gaan niet naar school, er komt een vervolg op het Thuiszitterspact

Meer kinderen gaan niet naar school, er komt een vervolg op het Thuiszitterspact

Uit de brief van 30 januari 2020 van de ministers Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media), De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) en Dekker (Rechtsbescherming) aan de Tweede Kamer volgt dat het aantal kinderen dat langer dan drie maanden thuiszit ondanks het Thuiszitterspact niet is gedaald. Het Thuiszitterspact werd gesloten op 13 juni 2016 door de PO-Raad, de VO-raad, de Vereniging van Nederlandse Gemeente en de Ministeries van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) en Onderwijs Cultuur en Wetenschap (OCW). De ambitie van het Thuiszitterspact is dat in 2020 geen enkel kind langer dan drie maanden niet naar school gaat zonder een passend aanbod van onderwijs en/of zorg. Nu dit doel nog niet is bereikt, wordt de komende tijd aandacht besteed aan een vervolg op het Thuiszitterspact.

Meer thuiszitters

Het aantal kinderen dat langer dan drie maanden thuiszat steeg van 4.479 in 2018 naar 4.790 in 2019. Wel lukt het om steeds meer kinderen terug naar school te krijgen, waardoor het aantal kinderen dat niet stond ingeschreven op school en dat weer een plek krijgt is toegenomen. Ook zijn er minder kinderen die tijdens het schooljaar uitvallen. Ondanks het feit dat thuiszitters steeds beter worden geregistreerd, kunnen er geen concrete factoren worden gegeven die de stijging in het aantal thuiszitters verklaren. In de brief aan de Tweede Kamer wordt onderstreept dat de thuiszittersproblematiek complex is en er geen eenduidige aanpak als oplossing kan worden aangereikt.

Geschillencommissie passend onderwijs, zorgplicht en regioaanpak

Komend jaar worden samen met de inzet van de partners van de ministers activiteiten en maatregelen ondernomen. Zo stellen de ministers dat kinderen nog te weinig worden betrokken. Het moet volgens de ministers vooropstaan dat jongeren zelf mee kunnen praten over het voorkomen en oplossen van de thuiszittersproblematiek. Daarom wordt gewerkt aan een plan van aanpak voor het betrekken van ervaringsdeskundige (ex-)thuiszitters. Het plan is in het voorjaar van 2020 gereed. Het plan moet ertoe leiden dat de stem van het kind zowel landelijk als regionaal is vertegenwoordigd en dat luisteren naar de stem van het kind de norm wordt.

Voor ouders/verzorgers blijkt dat het vaak onduidelijk bij wie zij terecht kunnen en wat zij kunnen doen. Zij hebben met verschillende partijen te maken als hun kind een extra ondersteuningsbehoefte heeft. Om die reden spreken de ministers het voornemen uit om de uitspraken van de Geschillencommissie Passend Onderwijs bindend te maken. Daarnaast wordt gezorgd voor een verbeterde informatievoorziening voor ouders binnen samenwerkingsverbanden door een onafhankelijk ondersteuner te betrekken. Het ministerie van OCW gaat hiervoor met de Inspectie van het Onderwijs in gesprek met ouders van kinderen die thuiszitten. Hierbij bespreken zij ook de zorgplicht van scholen. Tevens constateren de ministers dat er regionaal te grote verschillen zijn voor een landelijke aanpak. Daarom moet er nog meer worden ingezet op de rol en verantwoordelijkheden van schoolbesturen, samenwerkingsverbanden, gemeenten en de afspraken tussen deze partijen, waarvoor concrete stappen worden ondernomen.

Samenwerking onderwijs-zorg

De ministers erkennen dat er ook knelpunten zijn in wet- en regelgeving in relatie tot het beleid voor de aanpak van thuiszitters. Zo wordt de definitie thuiszitters onder de loep genomen, om te komen tot een definitie die niet alleen geldt voor kinderen die langer dan drie maanden thuiszitten, maar ook korter. Ook geven de ministers aan dat er momenteel kinderen tussen wal en schip vallen omdat er onvoldoende samenwerking plaatsvindt tussen het onderwijs en de zorg. Zij gaan er voor zorgen dat er meer ruimte komt voor onderwijs- zorgarrangementen en verwachten voor de zomer te weten wat daarvoor geregeld moet worden. Het doel daarvan is een betere aansluiting tussen zorg en onderwijs zodat kinderen met een aandoening, ziekte of beperking zich optimaal kunnen ontwikkelen. Ook wordt de vrijstellingsprocedure gewijzigd door het onderwijskundig perspectief te betrekken bij het afgeven van een vrijstelling van de leerplicht. Hiervoor wordt in het voorjaar een wetsvoorstel voorgelegd.

De ministers gaan de komende tijd werken aan een realistisch vervolg op het Thuiszitterspact en informeren de Tweede Kamer voor de zomer over de stand van zaken van de acties en het vervolg op het Thuiszitterspact.

Lees de volledige brief van de ministers aan de Tweede Kamer.