Tweede Kamerdebat over passend en inclusiever onderwijs

Tweede Kamerdebat over passend en inclusiever onderwijs

De evaluatie van de Wet passend onderwijs werd maandag 16 november besproken in de Tweede Kamer. Het eindrapport van de evaluatie was al een tijdje uit, maar vanwege corona werd de bespreking ervan steeds uitgesteld. In de aanloop naar het debat was onderwijs veel in het nieuws. Zo werd tijdens de Inclusief Onderwijs Maand in de maand voor het debat elke dag een verhaal gedeeld van kinderen, jongeren, ouders of professionals over hun visie op inclusief onderwijs. Tijdens het debat was aandacht voor het systeem van passend onderwijs, maar ook werd gesproken over inclusief onderwijs als stip op de horizon.

Passend onderwijs voldoet niet aan verwachtingen

Minister Slob voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media en de Kamerleden waren het erover eens dat passend onderwijs niet heeft opgeleverd wat gewenst was. Het aantal thuiszitters is gestegen, het speciaal onderwijs is gegroeid en de Kamerleden gaven aan enorm veel berichten te hebben ontvangen waarbij een kind vast liep in het onderwijs. Minister Slob gaf in zijn reactie op de evaluatie aan dat organisatorisch stappen zijn gezet, maar het effect hiervan in de klas nog niet is terug te zien.

Verbetermaatregelen voor passend onderwijs

Slob komt in zijn reactie met een aantal verbetermaatregelen. Zo wil hij een landelijke norm voor basisondersteuning instellen, een onafhankelijk ouder- en jeugdinformatiepunt in de regio en hoorrecht voor leerlingen. De Kamerleden lieten in het debat weten blij te zijn met de maatregelen die Slob voorstelt. Wel was er onvrede over het tijdspad, aangezien veel van de voorstellen al eerder door hen via moties waren voorgesteld. Naast de verbeterpunten van Slob werd nog wel gepleit voor kleinere klassen en kwam Paul van Meenen van D66 met een initiatiefwet om kinderen leerrecht te geven.

Stip op de horizon: naar inclusiever onderwijs

De beleidsreactie van Slob eindigt met een hoofdstuk over de langetermijnvisie op onderwijs voor kinderen met een ondersteuningsbehoefte. Slob noemt als stip op de horizon inclusiever onderwijs. Uit gesprekken met het veld blijkt dat het streven naar inclusiever onderwijs breed gedragen wordt. Het doel hierbij is dat steeds meer kinderen met en zonder ondersteuningsbehoefte steeds vaker naar dezelfde school kunnen gaan, waardoor diversiteit de norm wordt en zij op een gelijkwaardige deelname aan de maatschappij worden voorbereid. Het komende jaar zal met het veld een routekaart worden opgesteld om tot inclusiever onderwijs te komen.

Lees de beleidsreactie van minister Slob.

Lees alle verhalen die gedeeld zijn tijdens de Inclusief Onderwijs Maand.